Terug naar artikelen

De oorsprong van het offerfeest

Bismi Allaahi Ar-Rahmaani Ar-Rahiem (In de naam van Allaah, de Erbarmer, de Meest Barmhartige).

Alle lof komt Allaah toe, vrede en zegeningen zij met de Boodschapper van Allaah, zijn familieleden, zijn metgezellen en degenen die zijn leiding volgen. Weet beste mensen dat de Qor-aan het enige geopenbaarde boek dat goed bewaard is gebleven. Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa zegt:

{إِنَّا نَحْنُ نَزَّلْنَا الذِّكْرَ وَإِنَّا لَهُ لَحَافِظُونَ}. سورة الحجر 9.

{Voorwaar, Wij hebben de vermaning neergezonden, en Wij zullen er zeker over waken}.
Serat El-Hijr 9 (15:9).

En met de vermaning is het Boek van Allaah en de authentieke Soennah van de Profeet salla Allaahoe aleihi wa sallam bedoeld. Hierin staan o.a. verhalen over de profeten en hun volkeren. Het zijn ware en authentieke verhalen, die niet bedoeld zijn om ons hiermee te vermaken. Maar eerder om leringen er uit te trekken en daarmee standvastig te worden.

Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa zegt:

{وَكُلًّا نَّقُصُّ عَلَيْكَ مِنْ أَنبَاءِ الرُّسُلِ مَا نُثَبِّتُ بِهِ فُؤَادَكَ ۚ وَجَاءَكَ فِي هَٰذِهِ الْحَقُّ وَمَوْعِظَةٌ وَذِكْرَىٰ لِلْمُؤْمِنِينَ}. سورة هود 120.

{En alles wat wij jou vertellen over de berichten van de eerdere boodschappers, is om jouw hart daarmee standvastig te maken. En hierin is de waarheid tot jou gekomen en een vermaning en een herinnering voor de gelovigen}.
Soerat Hoed 120 (11:120).

En onder deze verhalen die Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa aan ons heeft verteld, het verhaal van de Profeet Ibrahim Aleihis-Salaam. Toen Allaah hem heeft opgedragen om zijn zoon op te offeren. Het verhaal heeft Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa ons verteld in dit edele en geweldige Boek de Qor-aan, in Soerat As-Saaffaat (hoofdstuk 37: vers 100-111). Het verhaal begon eigenlijk al toen Ibrahim Aleihis-Salaam Allaah smeekte om hem een rechtschapen zoon te schenken. Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa zegt bij monde van Ibrahim Aleihis-Salaam:

{رَبِّ هَبْ لِي مِنَ الصَّالِحِينَ}. سورة الصافات 100.

{Mijn Heer, schenk mij een nakomeling van de rechtschapenen}.
Soerat As-Saaffaat 100 (37:102).

Imam At-Tabarie zegt:
En dit is de smeekbede van Ibrahim Aleihis-Salaam, toen hij Zijn Heer vroeg om hem een rechtschapen zoon te schenken. Hij zei:
“O mijn Heer, schenk mij van u een zoon die zal behoren tot de recht schapen personen, die U zal gehoorzamen, en die niet ongehoorzaam aan U zal zijn. En die goede daden zal verrichten en geen verderf op aarde zal zaaien”.
Tafsier At-Tabarie, Soerat As-Saaffaat.

Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa verhoorde de smeekbede van Ibrahim Aleihis-Salaam en schonk hem een zoon. Hij heeft hem de naam Ismail gegeven. Toen Ismail Aleihis-Salaam de leeftijd van pubertijd bereikte, droeg Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa Ibrahim Aleihis-Salaam op om hem (zijn zoon) te offeren. Deze opdracht heeft Ibrahim Aleihis-Salaam in een droom meegemaakt (ontvangen).
Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa zegt:

{فَلَمَّا بَلَغَ مَعَهُ السَّعيَ قَالَ يَا بُنَيَّ إِنِّي أَرَى فِي المَنَامِ أَنِّي أَذبَحُكَ فَانظُر مَاذَا تَرَى. قَالَ يَا أَبَتِ افعَل مَا تُؤمَرُ ، سَتَجِدُنِي إِن شَاءَ اللَّهُ مِنَ الصَّابِرِينَ}. سورة الصافات 102.

{Toen hij (Ismail) de leeftijd bereikte om samen met zijn vader de kost te winnen, zei hij, “O mijn zoon, waarlijk ik heb in een droom gezien dat ik jou moet offeren. Kijk maar wat jij hiervan vindt. Hij zei (Ismail): O mijn vader, doe wat u is bevolen. U zult mij in shaa Allaah tot de geduldigen aantreffen}.
Soerat As-Saaffaat 102 (37:102).

En zoals dat bekend staat, is een droom van een profeet openbaring en wetgeving. Op gezag van Said Ibn Djoebair, heeft Ibn Abbaas radhiya Allaahoe anhoema gezegd: "De Ro-e-yaa van de profeten is een openbaring”.
Overgeleverd door El Haakim en At-Tabaraanie . En Hassan bevonden door El Albaanie in Dhilaal El Djannah, 463.

El Haafidh Ibn Kathier zei: “Het feit dat Ibrahim zijn zoon hiervan op de hoogte heeft gebracht, is om het gemakkelijker voor Ismail te maken. Hij wilde ook zijn geduld en zijn vastberadenheid, het gehoorzaam zijn aan Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa en aan zijn vader op proef stellen. Toen zijn vader hem het nieuws van deze zware onderneming vertelde, toonde hij (Ismail) zijn vrijwilligheid en acceptatie en zei:
{O mijn vader, doe wat u is bevolen}.
Dat wil zeggen: “Gaat uw gang, met datgene Allaah u heeft geboden om mij te slachten”.
{U zult mij in shaa Allaah tot de geduldigen aantreffen}.
Soerat As-Saaffaat 102 (37:102).

Dat wil zeggen: “Ik zal geduldig zijn, en rekenend op beloning bij Allaah”. En Ismail Aleihis-Salaam heeft de waarheid gesproken. Daarom zei Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa in een andere Aayah:
{En gedenk Ismael in het Boek. Voorwaar hij was trouw aan zijn belofte. Hij was een boodschapper en een profeet. Hij beval zijn familie om het gebed te verrichten en de Zakaat af te dragen. En Zijn Heer was tevreden over hem}.
Soerat Maryam 54-55 (19:54-55).

In de volgende Aayaat beschrijft Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa de uitvoer van de opdracht van Allaah door Ibrahim Aleihis-Salaam, stap voor stap maar ook de standvastigheid van zowel vader als zoon.
Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa zegt:

{فَلَمَّا أَسْلَمَا وَتَلَّهُ لِلْجَبِينِ}. سورة الصافات 103.

{Toen zij zich beide overgaven (aan Allaah), en Hij (Ibrahim) zijn voorhoofd omdraaide, en naar de grond richtte}.
Soerat As-Saaffaat 103 (37:103).

Ibn Kathier zei over deze Aayah:
“Zij hebben zich beide overgegeven (aan Allaah): Ibrahim gehoorzaamde het bevel van Allaah, en Ismail gehoorzaamde het bevel van Allaah en dat van zijn vader”.
Dit is de mening van Moejahid, ‘Ikrima, As-Soeddi, Qataadah, Ibn Ishaq en anderen.

{En zijn voorhoofd omdraaide, en naar de grond richtte}:
“Dat wil zeggen: hij draaide hem om, op zijn gezicht, zodat hij niet in zijn gezicht kon kijken tijdens het slachten. Zodat het voor hem gemakkelijker zou zijn.”
Dit zeiden: Ibn Abbaas, Moejaahid, Said Ibn Joebair, Adh-Dhahaak en Qartaadah.

{وَنَادَيْنَاهُ أَنْ يَا إِبْرَاهِيمُ ، قَدْ صَدَّقْتَ الرُّؤْيَا إِنَّا كَذَلِكَ نَجْزِي الْمُحْسِنِينَ}. سورة الصافات 104-105.

{Wij riepen hem toe: O Ibrahim, jij hebt in de droom geloofd (d.w.z.: de droom ten uitvoer willen brengen). Voorwaar, zo belonen Wij de weldoeners}.
Soerat As-Saaffaat 104-105 (37:104-105).

Nadat Ibrahim Aleihis-Salaam, de opdracht had vervuld, door zijn bereidheid te tonen om zijn zoon Ismail te slachten, riep Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa hem, om dit te bevestigen, en zei tegen hem:
“Zo belonen wij degenen die gehoorzaam zijn aan Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa”.
Hierna bevestigde Allaah deze zware en duidelijke beproeving door de zeggen:

{إِنَّ هَذَا لَهُوَ الْبَلاء الْمُبِينُ}. سورة الصافات 106.

{Voorwaar, dit is zeker een duidelijke beproeving}.
Soerat As-Saaffaat 106 (37:106).

Een geweldige beproeving. Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa droeg hem op, om zijn zoon Ismail te offeren. En Ibrahim aarzelde geen moment, maar toonde zijn bereidheid om dat te doen, door zich totaal te onderwerpen aan Zijn Heer Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa.
Daarom zegt Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa in een andere Aayah:

{وَإِبْرَاهِيمَ الَّذِي وَفَّى}. سورة النجم 37.

{En Ibrahim die nakwam wat hem door Allaah werd bevolen}.
Soerat Annajm 37 (53:37).

{وَفَدَيْنَاهُ بِذِبْحٍ عَظِيمٍ}. سورة الصافات 107.

{En wij beloonden hem met een geweldige offer}.
Soerat As-Saaffaat 107 (37:107).

Nadat Ibrahim zich totaal heeft onderworpen aan het bevel van Allaah, door zijn bereidheid om zijn zoon te offeren, heeft Allaah hem beloond hiervoor en stuurde hem een offer. Dus Ibrahim Aleihis-Salaam draaide zich om, en zag een witte ram staan.

Ibn Abbaas radhiya Allaahoe anhoemaa zei hij: “Een ram had veertig jaar in het paradijs gegraasd”. Ali radhiya Allaahoe anhoe zei: “Een witte ram met grote ogen en horens”. Hierdoor kreeg Ibrahim een goede naam bij Allaah, maar ook bij de generaties die opvolgden. Daarom zegt Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa:

{وَتَرَكْنَا عَلَيْهِ فِي الآخِرِينَ سَلامٌ عَلَى إِبْرَاهِيمَ}. سورة الصافات 108

{En wij bezorgden hem een goede naam onder de latere generaties}.
Soerat As-Saaffaat 108 (37:108).

Dat wil zeggen, Wij hielden een mooie lofprijzing voor hem na. En dit wordt duidelijker door de volgende Aayah:

{سَلامٌ عَلَى إِبْرَاهِيمَ ، إِنَّا كَذَلِكَ نَجْزِي الْمُحْسِنِينَ إِنَّهُ مِنْ عِبَادِنَا الْمُؤْمِنِينَ}. سورة الصافات 111,110,109

{Vrede zij met Ibrahim. Zo belonen Wij de weldoeners. Voorwaar hij behoorde tot onze gelovige dienaren}.
Soerat As-Saaffaat 109,110,111 (37: 109,110,111).

En de Woorden van Allaah:

{إِنَّا كَذَلِكَ نَجْزِي الْمُحْسِنِينَ}

{Zo belonen Wij de weldoeners}.
Soerat As-Saaffaat 110 (37:110).

Wat betekent: “Omdat zij gehoorzaam zijn aan Ons, houden Wij hen af van het slechte en tegenspoed en Wij vinden voor hen een opluchting en een uitweg”.
En hiernaar verwijzen ook de Woorden van Allaah:

{وَمَنْ يَتَّقِ اللَّهَ يَجْعَلْ لَهُ مَخْرَجًا * وَيَرْزُقْهُ مِنْ حَيْثُ لَا يَحْتَسِبُ * وَمَنْ يَتَوَكَّلْ عَلَى اللَّهِ فَهُوَ حَسْبُهُ *  إِنَّ اللَّهَ بَالِغُ أَمْرِهِ * قَدْ جَعَلَ اللَّهُ لِكُلِّ شَيْءٍ قَدْرًا}. سورة الطلاق  2 - 3 .

{En wie Allaah vreest, Allaah zal hem een uitweg bieden. En Hij zal hem voorzien uit bronnen vanwaar hij het niet verwachtte. En wie zijn vertrouwen in Allaah stelt, Hij zal dan toereikend voor hem zijn. Voorwaar Allaah zal zijn zaak volbrengen. Allaah heeft voor alle zaken een maat bepaald}.
Soerat At-Talaaq 2-3 (65:2-3).

Ibrahim Aleihis-Salaam smeekte Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa voordat Ismail Aleihis-Salaam was geboren. Hij zei: {Mijn Heer, schenk mij een nakomeling van de recht schapenen}. Soerat As-Saaffaat 100 (37:100).

En deze smeekbede had als resultaat een verhoring en heeft te maken met vier hoofdzaken:

  • De eerste: is dat Ibrahim Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa om een goede nakomeling vroeg. Hij weet immers met zijn sterke Iman dat alleen Allaah zijn verzoek waar kan maken;
  • De tweede: is dat Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa de smeekbede van Ibrahim Aleihis-Salaam verhoorde en hem een rechtschapene jongen schonk en maakte van hem een profeet: dat is Ismail Aleihis-Salaam;
  • De derde: is dat Ibrahim Aleihis-Salaam gehoor gaf aan Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa om zijn zoon te slachten. Een totale overgave aan de opdracht van Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa;
  • De vierde: is de positieve reactie van de zoon Ismail Aleihis-Salaam, toen zijn vader het nieuws van de opdracht van Allaah hem had verteld. Hij gaf zich zowel over aan het bevel van Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa als aan het verzoek van zijn vader.

Beste mensen,

Stel je deze situatie voor, die gebaseerd is op een ware verhaal: Ismail Aleihis-Salaam was jong toen hij samen met zijn vader hun dagelijkse kost ging winnen. Net toen zijn vader, Ibrahim Aleihis-Salaam, baat had aan zijn hulp, ontving hij de Goddelijke opdracht om zijn zoon te offeren. En dat geschiedde door middel van een Ro-e-yaa, een ware droom.

Een droom van een profeet is een openbaring, de waarheid en een wetgeving. Ibrahim Aleihis-Salaam aarzelde geen moment om de opdracht van Zijn Heer ten uitvoer te brengen. Hij is een profeet, en een profeet is te allen tijde gehoorzaam aan Zijn Heer Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa.

Het was een ware beproeving die Ibrahim Aleihis-Salaam heeft meegemaakt. Er is bijna geen zwaardere beproeving dan deze. Echter, het was een zware beproeving die uiteindelijk goed afliep en met een geweldig resultaat.

Ibrahim Aleihis-Salaam en zijn zoon Ismail hebben zich volledig onderworpen aan het bevel van Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa doordat:
- Ibrahim Aleihis-Salaam bereid was om de opdracht van Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa te willen uitvoeren;
- Ismail Aleihis-Salaam gehoorzaam was aan het bevel van Allaah en aan het verzoek van zijn vader.
Daarom heeft Allaah hen beide beloond en stuurde Ibrahim Aleihis-Salaam een offer. Dit is werkelijk een geweldig verhaal dat alleen maar een profeet kan meemaken, maar ook zou kunnen verdragen. Een verhaal waarin wij als moslims, sterk in geloven, maar ook een verhaal waaruit wij een lering moeten trekken. Dat was de opdracht van Allaah aan Ibrahim Aleihis-Salaam, de vader van de profeten, die hij ten uitvoer wilde brengen. Een totaal overgave aan de opdracht van Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa.

Maar wat betekent dit voor ons? Allaah vraagt aan ons om Hem alleen te aanbidden. Het is ook het doel waarvoor Hij de Djinn en mensheid heeft geschapen, zoals Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa dat duidelijk aan ons heeft laten weten en opgedragen in de volgende Aayah:

{وَمَا خَلَقْتُ الْجِنَّ وَالْإِنسَ إِلَّا لِيَعْبُدُونِ}. سورة الذاريات 56.

{En Ik heb de Djinn en de mens slechts geschapen om Mij te aanbidden}.
Soerat Adhaariyaat 56 (51:56).

Gehoorzaamheid aan Allaah is een vorm van aanbidding en het betekent een totaal overgave aan Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa. Dat is de Tawhied (het monotheïsme) en dat is Taqwaa (godsvrees) hebben voor Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa. Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa vermeldde in de volgende Aayah, sprekend over het doel van het slachten:

{لَن يَنَالَ ٱللَّهَ لُحُومُهَا وَلَا دِمَآؤُهَا وَلَٰكِن يَنَالُهُ ٱلتَّقْوَىٰ مِنكُمْ}. سورة الحج 37.

Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa zei:
{Het is niet hun bloed of hun vlees dat Allaah bereikt, maar wat Hem bereikt is jullie Taqwa voor Hem}.
Soerat El-Hadj 37 (22:37).

Beste mensen,
Deze gelegenheid (‘Ied El-Adh-haa) mogen wij niet zomaar voorbij laten gaan zonder dat wij een lering eruit trekken. De profeet Ibrahim Aleihis-Salaam heeft een beproeving doorstaan. Daarom moeten wij hierbij stilstaan en beseffen dat ‘Ied El-Adh-haa geen gelegenheid die bedoeld is om alleen een dag te vieren en vlees te eten, maar het doel van deze gelegenheid is zoals Ibrahim Aleihis-Salaam omging met de opdracht van Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa. Gezien de opdrachten van Allaah in bovenstaande Aayaat, betekent het voor ons het volgende:

  • Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa gehoorzamen in alle geboden en wij moeten alle verboden vermijden;
  • Tevens moeten wij weten dat alle daden van aanbidding: zowel de geboden die wij moeten uitvoeren en de verboden die wij moeten laten omwille van Allaah goed voor ons zijn. Of we nu de wijsheid achter de wetgeving ervan kennen of er onwetend ervan zijn doet niet ter zaak;
  • Als Allaah iets besluit en ons gebiedt het te doen, moeten we het bespoedigen en uitvoeren, naar vermogen;
  • Vertrouwen hebben in Allaah wanneer wij de geboden ten uitvoer brengen en de verboden laten;
  • Toewijding hebben in de aanbidding van Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa alleen.

Tot slot, uit dit verhaal moeten wij zeker een lering trekken, daar Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa dit heeft vermeld in Zijn Boek, Hij zegt:

{لَقَدْ كَانَ فِي قَصَصِهِمْ عِبْرَةٌ لِّأُولِي الْأَلْبَابِ ۗ}. سورة يوسف 111.

{Voorzeker, in hun verhalen bevindt zich een lering voor de bezitters van verstand}.
Soerat Yoesoef 111 (12:111).

{فَاعْتَبِرُوا يَا أُولِي الْأَبْصَارِ}. سورة الحشر 2.

{Dus trek er lering uit, o bezitters van inzicht}.
Soerat El-Hashr 2 (59:2).

Moge Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa ons inzicht en kennis schenken van Zijn Boek en van de Soennah van Zijn Profeet salla Allaahoe aleihi wasallam, Aamien wal Hamdoe lillahi Rabi El Aalmien.

De zuivere Islaam
Volgens het begrip van de vrome voorgangers
Doneren