Wat is beter: het slachten van een offer of de waarde ervan geven aan de armen?
Bismi Allaahi Ar-Rahmaani Ar-Rahiem (In de naam van Allaah, de Erbarmer, de Meest Barmhartige).
Alle lof komt Allaah toe, vrede en zegeningen zij met de Boodschapper van Allaah, zijn familieleden, zijn metgezellen en degenen die zijn leiding volgen.
1-Is een offer slachten op de Ied dagen verplicht?
Een offer slachten op de dag van El-‘Ied (ook op de 3 daaropvolgende dagen) is een sterk aanbevolen Soennah, voor wie daartoe in staat is. En wie daartoe niet in staat is, treft geen blaam in shaa Allaah. Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa zegt in de Qor-aan:
{Allaah belast niemand boven zijn vermogen}. Soerat El-Baqarah 286 (Qor-aan 1:286).
Het is een daad van gehoorzaamheid aan Allaah en het behoort tot de Taqwaa (Godsvrucht, vroomheid) van Allaah. Allaah de Verhevene zegt:
{En wie de gewijde rituelen van Allaah eer bewijst, voorwaar dit is een teken voor Taqwaa (Godsvrucht, vroomheid) van de harten}. Soerat El-Hajj 32 (Qor-aan 22:32).
2-Wat is beter: Een Oedhiyah slachten (een offer brengen) of het schenken van de waarde ervan aan liefdadigheid?
De Oedhiyah (een offer brengen) is een van de rituelen die de Profeet salla Allaahoe aleihi wasallam zorgvuldig verrichtte. De legitimiteit ervan is bevestigd in de Qor-aan en de Soennah en de regel hierover is dat het een sterk aanbevolen Soennah van de Profeet salla Allaahoe aleihi wasallam is. Daarom is het slachten van een offer beter dan het geven van de waarde ervan als liefdadigheid.
De volgende vraag werd door een zuster uit Frankrijk aan Sheych Aziz Farhan El-Anzie gesteld: “Is het toegestaan om de waarde van het offer als liefdadigheid te geven of moet men daadwerkelijk slachten?”
De Sheych antwoordde: “Ten eerste: wat betreft de Oedhiyah (een offer brengen), deze is een sterk aanbevolen Soennah volgens de meerderheid van de geleerden. Dat is het eerste punt. Ten tweede: de islamitische juristen hebben duidelijk vermeld dat het slachten van het offer beter is dan het geven van de waarde ervan als liefdadigheid. Ten derde: voor iemand die de financiële mogelijkheid heeft om te slachten, is dit een sterk aanbevolen Soennah die men niet zou moeten nalaten. Het behoort tot de beste daden van aanbidding en toenadering tot Allaah die men verricht op de dag van het Offerfeest en tijdens de dagen van At-Tashrieq (tijdens de drie opvolgende dagen na de dag van El-‘Ied). Daarom, geachte zuster, als je de financiële middelen hebt, geef dan niet het geldbedrag als liefdadigheid uit, maar verricht het offer door daadwerkelijk te slachten. Moge Allaah je zegenen”. Bron.
3- Hoe kan men het offervlees het beste verdelen?
Het verdelen van het vlees van het offerdier in drie delen (één deel voor degene die offert, één deel als geschenk en één deel als liefdadigheid) wordt door de meerderheid van de islamitische rechtsgeleerden als aanbevolen beschouwd. Het geldt als een Soennah en als één van de beste manieren om het vlees te verdelen. De zaak hierin is ruim en flexibel: een exacte gelijke verdeling in drieën is niet verplicht. Het is toegestaan ervan te eten, ervan weg te geven en ervan weg te geven als liefdadigheid zonder vaste gewichten of precieze verhoudingen te bepalen.
De volgende vraag werd aan Sheych Ibn Baaz (overleden 1420 H) gesteld: “Is het verplicht om het offerdier in drie gelijke delen te verdelen?”
De Sheych antwoordde: “Dit is een keuze die door een groep geleerden is aanbevolen, maar de zaak is ruim en flexibel. Men kan het in drie delen verdelen, of in vieren, of alles uitdelen. Men verdeelt wat gemakkelijk is, zelfs al is het weinig. Want Allaah zegt:
{Eet ervan en voed de behoeftige arme.}. Soerat El-Hadjj 28 (Qor-aan 22:28).” Bron.
De islamitische bronnen uit de Qor-aan en de Soennah geven aan dat degene die een offer brengt ervan eet, ervan weggeeft als liefdadigheid en er ook van schenkt aan anderen. Allaah de Verhevene zegt:
{Eet ervan en voed ermee zowel El-Qaani’ (de tevreden behoeftige) als El-Moe’tarr (degene die vraagt, d.w.z. bedelaar). Zo hebben Wij ze aan jullie dienstbaar gemaakt, opdat jullie dankbaar zullen zijn}. Soerat El-Hajj 36 (Qor-aan 22:36).
Sheych Ibn Baaz rahimahoe Allaah zei in de uitleg van deze Aayah:
De Sheych vervolgt: “…Wie niets van het offerdier weggeeft als liefdadigheid, heeft een verplichte zaak nagelaten. Want Allaah zegt: en hij vermeldde de bovenstaande Aayah (Soerat El-Hajj 36 (Qor-aan 22:36). Het is dus verplicht om iets ervan weg te geven als gift en om een deel van het offer als liefdadigheid te geven. Als hij het in drie delen verdeelt: een derde als liefdadigheid, een derde voor eigen consumptie en een derde als geschenk aan familieleden en buren, dan is dat goed. Maar als hij alles zelf opeet, dan hoort hij de waarde van een deel ervan alsnog als liefdadigheid te geven, als compensatie voor wat hij heeft opgegeten van het recht van de armen.” Einde citaat, bron.
En van de overgeleverde Hadieth van de Profeet salla Allaahoe aleihi wasallam, de volgende overlevering:
“Eet ervan, bewaar ervan en geef ervan als liefdadigheid.” Overgeleverd door Moeslim.
Imam An-Nawawie (overleden 676 H) zei: “Het is verplicht om een hoeveelheid als liefdadigheid weg te geven waarop de naam ‘Sadaqah’ van toepassing is, omdat het doel is de armen te ondersteunen. Daarom geldt: als iemand alles zelf opeet, dan is hij verplicht een hoeveelheid te vergoeden waarop die benaming van toepassing is.” Einde citaat, bron: Rawdhat At-Taalibien wa ʿOemdat El-Moeftien (3/223).
Sheych Mohammed Ibn Saalih El-Oethaimien (overleden 1421 H) werd gevraagd over mensen die hun volledige offerdieren samen met familie koken en ervan eten zonder er iets van als liefdadigheid weg te geven. Hij antwoordde: “Dit is fout, want Allaah Soebhaanahoe wa Ta’aalaa zegt:
{…Opdat zij voordelen voor zichzelf meemaken en de Naam van Allaah noemen op vastgestelde dagen over de veestapels waarmee Hij hen heeft voorzien. Eet ervan en voed de behoeftige arme}.
Daarom zijn zij nu verplicht om te vergoeden wat zij hebben opgegeten: van elke schaap moeten zij een hoeveelheid vlees kopen en dit als liefdadigheid weggeven.” Bron: Majmooe’ Fataawaa Ibn Oethaimien (25/132).
4-Samenvatting:
En Allaah de Verhevene weet het beste.